BOVAG tekent Klimaatakkoord, maar: geen onvoorspelbaar overheidsbeleid

BOVAG onderschrijft het Klimaatakkoord in grote lijnen en is ervan doordrongen dat er grote urgentie is om de CO2-uitstoot de komende decennia drastisch in te perken. Dat de sector mobiliteit daar een bijdrage aan kan leveren, staat niet ter discussie. Echter, bij enkele voorgenomen maatregelen uit het Klimaatakkoord zet BOVAG kanttekeningen.

De BOVAG-handtekening werd gezet door Francien van der Wal, financieel directeur BOVAG. Zij deed dat samen met drie andere vertegenwoordigers van de automobiliteit: Steven van Eijck van RAI Vereniging, Renate Hemerik van VNA en Frits van Bruggen van de ANWB.

Dat betreft onder meer het zogenoemde ‘hand-aan-de-kraan’-principe, waarbij de regering de mogelijkheid heeft om jaarlijks in een laat stadium de stimulering van zero-emissie via de autobelastingen aan te passen. En daarnaast moet er serieus werk worden gemaakt van de particuliere EV-markt.

In het ergste geval betekent jaarlijks de ‘hand aan de kraan’ houden dat pas op Prinsjesdag duidelijk wordt hoe de autobelastingen er per 1 januari uitzien, en dat plaatst werkgevers (met hun mobiliteitsbeleid), investeerders (in waterstof- en (snel)laadstations), leasemaatschappijen, autobedrijven en hun klanten, en importeurs voor de onmogelijke opgave in slechts drie maanden op aanpassing van het EV-stimuleringsinstrumentarium te anticiperen. Vanwege de lange levertijden van elektrische auto’s dienen zij vaak ver van tevoren hun bestellingen te plaatsen. De markt heeft tenminste een jaar nodig om wijzigingen op de nieuwe EV-markt goed te kunnen verwerken. In het algemeen geldt dat BOVAG onverminderd vasthoudt aan een overheidsbeleid voor autobelastingen met afspraken en regels die tenminste vier jaar beslaan. BOVAG heeft dit, mondeling en op schrift, laten weten aan het kabinet. Omdat BOVAG graag constructief meepraat en -denkt over de implementatie van het Klimaatakkoord, heeft BOVAG het akkoord ondertekend, maar wel met voorbehoud inzake het genoemde ‘hand-aan-de-kraan’-principe en de EV-aanschafsubsidie. 

Onwerkbaar
Peter Niesink, algemeen directeur BOVAG: “Een overheid die jaarlijks aan de knoppen draait, is voor de BOVAG-bedrijven, hun klanten en de rest van het bedrijfsleven onwerkbaar. En zal voor veel onrust en terughoudendheid op de markt zorgen, waarmee versnelde vergroening van het wagenpark juist wordt tegengewerkt. Een averechts effect dus.”

Aanschafsubsidie
Een andere kanttekening van BOVAG betreft de EV-aanschafsubsidie voor particulieren. Dat jaarbudget mag wat BOVAG betreft geen remmende werking hebben op de aanschaf van elektrische auto’s. Daarom moet het mogelijk zijn bedragen uit latere jaren naar voren te halen, als de jaarlijkse subsidie uitgeput dreigt te raken. Mocht de subsidiepot eerder leeg zijn dan einde looptijd (2024), dan wil BOVAG verruiming van het beschikbare budget. Belangrijk is verder dat bij stimulering niet alleen gekeken wordt naar elektrische voertuigen, maar naar alle aandrijftechnieken met lage CO2-emissie. En dus dat er ook aandacht is voor de PHEV’s, hybride auto’s en biofuels. 

BOVAG doet ook de aanbeveling de bpm te blijven afbouwen, als opmaat naar betalen naar gebruik, maar vooral omdat afbouw van de bpm bijdraagt aan de verjonging van het wagenpark, en dientengevolge verlaging van de CO2-uitstoot. 
Geplaatst op 15-10-2019