Recreatiepark erkent aansprakelijkheid letselschade door rupsen

Letselschadebureau JBL&G uit Amsterdam meldt met succes te hebben betoogd dat "ook een parkeigenaar verantwoordelijk is voor mogelijke plaaginsecten op zijn terrein". Namens een recreatiepark in Overijssel heeft verzekeraar Nationale-Nederlanden de aansprakelijkheid erkend voor het letsel dat een gast opliep door de eikenprocessierupsen op het park.

"Het is voor zover bekend de eerste keer in Nederland dat een particulier of rechtspersoon de aansprakelijkheid erkent voor letselschade door de rupsen. Hun brandharen dringen huid, ogen en luchtwegen binnen en veroorzaken irritaties, ontstekingen en een grieperig gevoel", aldus JBL&G. 

Op recreatiepark ‘t Hooge Holt in Gramsbergen stond een bankje voor bezoekers pal onder een eikenboom met daarin een nest van de eikenprocessierups. Vakantieganger Harm Touwslager (78) uit Hendrik-Ido-Ambacht was er in juni nietsvermoedend meermalen op gaan zitten om naar dartelende geitjes te kijken. Tot hij ’s morgens wakker werd van een ondraaglijke jeuk, een ‘explosie aan ontstekingen’ en een ellendig, ziek gevoel, dat de rest van de vakantie aanhield. Het recreatiepark zelf wilde eerst niets van zijn klachten weten. 

Volgens de meest recente aanbevelingen van de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit echter, het rapport van het Aanspreekpunt Eikenprocessierups uit 2011, zijn gemeenten, boom- en terreineigenaren, terreinbeheerders en wegbeheerders verplicht de bestrijding van EPR actief ter hand te nemen om schade en dus mogelijke aansprakelijkstelling te voorkomen. “Daarbij hoort ook monitoring van de ontwikkeling van de eikenprocessierups en het waarschuwen voor de aanwezigheid ervan. Een benadeelde kan trachten zijn schade ex artikel 6:162 Burgerlijk Wetboek, de onrechtmatige daad, te verhalen op de aansprakelijke persoon of rechtspersoon.” 

Eigenaresse JBL&G Steffy Roos du Maine: “De gemeente had het park ingelicht over de rupsen, ze wisten dat er veel eiken staan waar de rups zich graag in nestelt, en toch hebben ze nagelaten zelf onderzoek te verrichten en de rupsen structureel te bestrijden. In deze zaak zijn zelfs pas maatregelen genomen nadat het gevaar zich al had verwezenlijkt en onze cliënt letselschade had opgelopen: een papiertje met een waarschuwing en een rood-wit lintje om het bankje. Pas dagen later is het bankje eindelijk weggehaald. Te laat, te laks, te weinig.” 

JBL&G wikkelt nu samen met verzekeraar Nationale-Nederlanden de letselschade verder af. Daarbij gaat het niet om enorme bedragen, weet Du Maine nu al: “Het ging onze cliënt en ons vooral om het principe.” 

Hier leest u ons eerdere artikel over dit schadegeval.

 
Jan Schrijver; bron gegevens en foto JBL&G
Geplaatst op 27-09-2018


Share on: