Praktijkervaring is bepalende factor in omgaan met gevaren

Bij de Onderzoeksraad voor Veiligheid is de periodieke Rapportage Ongevallen Scheepvaart verschenen (november 2017 - april 2018). In deze rapportage wordt specifieke aandacht besteed aan (dodelijke) ongevallen waarin de (minst ervaren) matroos aan boord van een schip betrokken is.

Aan boord van een schip liggen dagelijks diverse gevaren op de loer. Het hebben van praktijkervaring is een bepalende factor in het omgaan met die gevaren. De Onderzoeksraad onderzoekt regelmatig (dodelijke) ongevallen waarbij de (minst ervaren) matroos aan boord is betrokken. In deze rapportage wordt daarom aandacht besteed aan het belang van het onder begeleiding opdoen van praktijkervaring in een risicovolle omgeving.

Naast onervarenheid kan zelfoverschatting in een risicovolle omgeving ook leiden tot een ongeval. De technische hulpmiddelen zijn tegenwoordig tot heel veel in staat en vaak bepalend voor de condities waarin een schip mag varen. Het feit dat een schip in alle omstandigheden mág varen, wil niet zeggen dat men onder alle omstandigheden móet blijven varen. Tenslotte bepalen de kennis en ervaring van de bemanning hoe een potentieel risicovolle situatie onder de gegeven omstandigheden afloopt.

Zo is er het voorbeeld van de matroos die betrokken was bij schoonmaakwerkzaamheden. Hij wist goed welke handelingen er gedaan moesten worden, maar bleek zich te weinig bewust van de gevaarlijke omgeving waarin hij zich bevond. De matroos was in een veiligheidsbriefing wel gewezen op de gevaren van de kraan, maar werd niet begeleid in de werkzaamheden rondom die kraan. Dit resulteerde in een aanrijding met een kraan en de dood tot gevolg. 

In de rapportage wordt ook een overzicht gegeven van de in de periode gepubliceerde rapporten, zoals het rapport over de aanvaring van de stuw bij Grave (foto) door de benzeentanker. De Raad hierover: "De aanvaring van de stuw op 29 december 2016 betrof een dubbel ongeval: zowel een voorval met een schip beladen met gevaarlijke stoffen als de beschadiging van een stuw met grote gevolgen voor de waterstand in de Maas. Bij de afhandeling en crisisbeheersing in Grave vormde de mist weliswaar een complicerende factor, maar hebben met name de veelheid aan partijen en het ontbreken van een gezamenlijk incidentbestrijdingsplan de aanpak ernstig bemoeilijkt. De Onderzoeksraad beveelt partijen daarom aan om een coördinerende veiligheidsregio aan te stellen en een gezamenlijk incidentbestrijdingsplan op te stellen, met specifieke aandacht voor voorvallen op het water en op het snijvlak van regio’s. De minister van Infrastructuur en Waterstaat krijgt de aanbeveling om een analyse te maken van het aanvaarrisico van bruggen, sluizen en stuwen in Nederland en waar nodig maatregelen te treffen om het effect daarvan te minimaliseren. Verder moet het verouderde informatie- en volgsysteem voor de scheepvaart vervangen worden en voorzien worden van een alarmeringsfunctie bij incidenten met schepen met gevaarlijke lading." Ook wordt een overzicht gegeven van in de rapportage-periode gestarte onderzoeken.
Jan Schrijver; bron gegevens en foto Onderzoeksraad voor Veiligheid
Geplaatst op 02-08-2018