Juli was de zonnigste maand ooit

Juli was extreem zonnig: de zonnigste maand ooit. Hoewel de sterkte van de zonkracht niet bijzonder hoog was, was de totale inkomende ultraviolette (UV) straling wel recordhoog door het vele aantal uren zonneschijn. In Nederland wordt de zonkracht gebruikt om te waarschuwen voor de schadelijke gezondheidseffecten van een teveel aan zon. In samenwerking met het RIVM geeft het KNMI op zonnige dagen met sterke zonkracht extra waarschuwingen via Twitter.

De maand juli en ook de eerste week van augustus zijn niet alleen erg warm maar ook buitengewoon zonnig verlopen. Juli 2018 bleek uiteindelijk de zonnigste maand in Nederland sinds het begin van de metingen. De totale zonneschijnduur in De Bilt was 341 uur. Dat komt overeen met 11 uur zon per dag. Op een gemiddelde julidag krijgen we de zon 6 tot 7 uur te zien. Het midden van het land kreeg in juli de meeste zonuren, met 349,8 uur als hoogste meting door één van de dertig meetstations van het KNMI. 

Weinig bewolking, veel UV
Door de vele zonuren was de inkomende schadelijke ultraviolette (UV) straling van de zon recordhoog. De totale UV maandsom was 20 tot 25 procent hoger dan gemiddeld in de maand juli. Gegeven de gemeten dikte van de ozonlaag boven Nederland had de UV maandsom in juli niet veel hoger kunnen worden. De recordhoge UV maandsom laat dus zien dat de schaarse bewolking in juli meestal erg dun was en ook bijna nooit te zien op het midden van de dag als de zonkracht zijn hoogste waarde bereikt (tussen ongeveer 11 en 16 uur). De sterkte van de zonkracht was deze zomer, in tegenstelling tot in juni 2017, niet bijzonder hoog.

Zomer van de toekomst
Het aantal warme en zomerse dagen neemt in Nederland toe door klimaatverandering. In de KNMI-klimaatscenario's verwacht het instituut dat de totale zonnestraling toeneemt door minder bewolking, met 10 procent in het warmste scenario. Met tot nu toe meer dan 90 warme en 50 zomerse dagen in De Bilt, in combinatie met een record aan zonuren, geeft deze zomer een blik op de zomer van de toekomst, stelt het KNMI.
Jan Schrijver; bron gegevens KNMI; bron grafiek KNMI
Geplaatst op 16-08-2018