Achmea moet belasting bijbetalen inzake verkoop Poolse verzekeraar

Achmea heeft de voorziening voor de fiscale afwikkeling in Nederland van de ontvangen vergoeding voor de verkoop van zijn belang in de Poolse verzekeraar PZU verhoogd met 35 miljoen euro naar in totaal 233 miljoen euro. De verhoging volgt op een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Op basis van de uitspraak valt een groter bedrag van de PZU-afwikkeling onder de vennootschapsbelastingheffing dan waar bij de vorming van de voorziening in eerdere jaren voorzichtigheidshalve rekening mee is gehouden.  
 
Achmea verschilt van inzicht met de Belastingdienst over de fiscale afwikkeling in Nederland van de ontvangen vergoeding rond de desinvestering van het belang in PZU, in de jaren 2009 en 2010. De overeenkomst met de Poolse overheid leidde destijds voor Achmea tot een totale opbrengst van circa 4,2 miljard euro. Het verschil van inzicht met de Belastingdienst handelt over de belastbaarheid van een bedrag van circa 1,2 miljard euro. Volgens Achmea dient dit bedrag te zijn vrijgesteld van Nederlandse vennootschapsbelastingheffing. Volgens het Gerechtshof is van dit bedrag van circa 1,2 miljard euro een bedrag van 248 miljoen euro vrijgesteld van vennootschapsbelastingheffing. 
 
Achmea bestudeert de uitspraak van het Gerechtshof en besluit later of het hiertegen in cassatie gaat bij de Hoge Raad. De impact van de verhoogde voorziening wordt verwerkt in de resultaten over de eerste zes maanden van dit jaar. 
Jan Schrijver; bron gegevens Achmea
Geplaatst op 06-07-2018