Het mysterie van de verdwenen criminaliteit

​Sinds het begin van deze eeuw daalt de geregistreerde criminaliteit in Nederland. Op het hoogtepunt, in 2001 en 2002, registreerde de politie per 1000 inwoners 93 misdrijven. In 2017 ging het om 49 misdrijven per 1000 inwoners. Maar net zo opmerkelijk als de daling in de afgelopen vijftien jaar is de toename van de geregistreerde criminaliteit die daaraan vooraf ging. Bij het CBS is hierover een artikel verschenen met als titel 'Het mysterie van de verdwenen criminaliteit'.


Dit artikel in de serie Statistische Trends beschrijft die langetermijnontwikkelingen in de criminaliteit aan de hand van gegevens over geregistreerde misdrijven, moord en doodslag en slachtofferschap van criminaliteit. Vervolgens komen een aantal mogelijke verklaringen voor de op- en neergang aan de orde.

De stijging van de geregistreerde criminaliteit vond vooral plaats van de vroege jaren zestig tot het begin van de jaren tachtig, toen het aantal geregistreerde misdrijven steeg van 13 naar 81 per duizend inwoners. Deze ontwikkeling bleef niet onopgemerkt en leidde vanaf de jaren tachtig tot een verwoede discussie binnen politie, justitie en de wetenschap. Waar kwam deze misdaadgolf vandaan en hoe kon deze het beste worden aangepakt? Intussen bleef de geregistreerde criminaliteit stijgen. In 1994 telde de politie 92 misdrijven per duizend inwoners en na een korte daling bereikte het aantal misdrijven in 2001 en 2002 het hoogtepunt. In 2017 was het aantal misdrijven weer gedaald tot 49 per duizend inwoners, hetzelfde niveau als rond 1980.

Het totaal aantal geregistreerde misdrijven volgde vooral het verloop van de vermogenscriminaliteit, zoals diefstal en inbraak, die ook de grootste groep onder de misdrijven is. De snelle stijging van de vermogenscriminaliteit leidde ook tot een stijging van het percentage vermogensmisdrijven van iets meer dan 60 aan het begin van de jaren vijftig tot 75 aan het begin van de jaren zeventig. Op dat niveau bleef het ongeveer de twee daaropvolgende decennia. In de jaren negentig zette weer een daling in van het percentage vermogensmisdrijven en nam het aandeel van andere vormen van criminaliteit toe. In 2006 maakten vernielingen en verstoringen van de openbare orde 1 op de 5 misdrijven uit. Sindsdien zitten vermogensmisdrijven weer in de lift waardoor het percentage in 2017 weer iets boven de 60 lag.

Wetenschappers en beleidsmakers zijn het er inmiddels over eens dat ten opzichte van de jaren negentig sprake is van een daling van de veel voorkomende criminaliteit waarvan burgers het slachtoffer worden. De dalende aangiftebereidheid kan de afname van de door de politie geregistreerde misdrijven niet volledig verklaren. Daarnaast wijzen ook het aantal slachtoffers van moord en doodslag en de ervaringen van burgers in dezelfde richting: na een stijging van de criminaliteit van de jaren zestig tot de jaren negentig is sinds de eeuwwisseling weer sprake van een daling. Waar het gaat om georganiseerde criminaliteit zonder directe slachtoffers en criminaliteit tegen bedrijven ontbreken de cijfers om uitspraken te doen over de ontwikkeling.

Wat achter de daling van de criminaliteit tegen burgers zit, is nog onderwerp van debat. De trends in drugsgebruik en -handel, toenemende welvaart en de toegenomen investeringen in preventie tegen inbraak en diefstal lijken aan te sluiten bij de ontwikkelingen in criminaliteit. Soms lijken ontwikkelingen zowel een lichte als een schaduwzijde te hebben, zoals de opkomst van internet en mobiele telefoons. Of en hoe lang de huidige daling zich zal doorzetten blijft daarom nog een vraag, aldus het CBS.

Grafiek: percentage huishoudens met (rol)luiken voor ramen of deuren



 
Jan Schrijver; bron gegevens en grafiek CBS
Geplaatst op 07-05-2018