Snowboarden groeit in populariteit; skiën verliest terrein

Het aantal wintersportvakanties is sinds 2006 gedaald van 1.104.000 naar 866.000 in 2016. Het voornaamste doel van de wintersportvakantie is nog steeds alpineskiën met 68%, maar deze bezigheid verloor aan populariteit. Meer mensen gaan vooral snowboarden. Zo blijkt uit cijfers van het CBS.

Wandelen wordt door 16,6% als belangrijkste activiteit genoemd, snowboarden door 14,4% en langlaufen door 1,2%. Voor snowboarden is er sprake van een duidelijke toename ten opzichte van 2007, toen 7,6% dit nog slechts als belangrijkste activiteit noemde. Skiën kende over de laatste tien jaren bezien een populariteitspiek in 2008, toen 77,8% dit als belangrijkste activiteit noemde.

Oostenrijk is de favoriete wintersportbestemming. In 2016 was dat voor 60% hun wintersportland. Frankrijk komt op de tweede plaats met 17%, Duitsland op de derde met 8% en Zwitserland op de vierde met ruim 5% en vervolgens Italië met bijna 5%. 

84% gaat met de auto naar de wintersportbestemming. Nog eens 7% gaat over de weg met de touringcar, terwijl eveneens 7% het luchtruim verkiest. De trein scoort minder dan een procent.

De gemiddelde wintersportvakantie duurt iets langer dan een week (8,6 dagen). Ter vergelijking, de gemiddelde vakantie (van vier of meer overnachtingen) in het buitenland duurt bijna twee weken (12,9 dagen). Wintersportvakantie is naar verhouding duur: in 2016 kostte zo'n wintersportvakantie gemiddeld 83 euro per persoon per dag, de gemiddelde vakantie was 15 euro goedkoper.
Jan Schrijver; bron gegevens CBS
Geplaatst op 28-02-2018


Share on: