Achterop de fiets zittende vriendin wordt verkeersfout verweten

Een bij haar vriend achterop de fiets zittende vrouw wordt aangereden door een personenauto en raakt hierbij zeer ernstig gewond. De zorgverzekeraar van de aangereden vrouw pleegt regres bij de autoverzekeraar. De autoverzekeraar wil niet alle schade van de zorgverzekeraar vergoeden, omdat de fietser drugs gebruikt zou hebben en het achterop stappen door de vriendin als verkeersfout aangemerkt kan worden.

In november 2014 omstreeks 18.40 uur vond een ongeval plaats. Een verzekerde van een zorgverzekeraar zat achterop de fiets bij haar vriend.  Een automobilist reed op dat moment met zijn voertuig op de straat. De fietser stak de straat vanaf links over en is door de automobilist aangereden. Zowel de fietser als zijn achterop zittende vriendin zijn als gevolg van dit ongeval zeer zwaar gewond geraakt. Er is van het ongeval een Verkeersongevallen Analyse opgemaakt met daarin verklaringen van betrokkenen en diverse getuigen. Een verklaring van de achterop zittende vriendin is niet beschikbaar doordat zij als gevolg van het door haar opgelopen letsel niet in staat is een verklaring af te leggen.  
 
De zorgverzekeraar

De zorgverzekeraar meent dat zijn verzekerde geen verkeersfout heeft gemaakt. Verzekeraar voert daartoe aan dat de passagier immers achterop de fiets zat. Zij heeft daarom geen verkeersfout gemaakt. De zorgverzekeraar vindt dat de bestuurder van de fiets wel een verkeersfout heeft gemaakt maar dat de achterop zittende passagier daarentegen geen verkeersfout heeft gemaakt. De bestuurder van de fiets heeft geen voorrang verleend. Daar heeft zij als passagier geen invloed op gehad. De WA-verzekeraar van de personenauto moet daarom 100% van de schade vergoeden.

De autoverzekeraar 
De autoverzekeraar meent dat het ongeval is ontstaan door verkeersfouten van beide partijen. De fietsende vriend zou onder invloed van drugs zijn geweest. Net als het meerijden met een dronken bestuurder valt het achterop de fiets stappen bij een persoon onder invloed van drugs als een verkeersfout aan te merken van de achterop zittende fietser. De autoverzekeraar acht zich daarom slechts gehouden om 40% van de schade te vergoeden. 
 
De commissie
De commissie verklaart zich ontvankelijk om het geschil in behandeling te nemen. Het ligt in de ratio van het convenant om de schade van de passagier conform dit convenant af te wikkelen, ook al neemt zij zelf als 'achterop zittende' niet actief deel aan het verkeer. 
 
Partijen zijn het eens over de feiten en toedracht, behalve over de vraag of er sprake was van drugsgebruik bij de fietsende vriend. De autoverzekeraar stelt dat de fietser onder invloed was ten tijde van het ongeval. Hij zou een of meer joints gerookt hebben. De fietser zelf ontkent dit in zijn verklaring. 
 
Om te kunnen spreken van een mogelijke verkeersfout van de vriendin dient aangetoond te worden dat haar vriend onder invloed was van drugs ten tijde van het ongeval, waardoor hij niet of onvoldoende in staat was om aan het verkeer deel te nemen. Ook dient aangetoond te worden dat zij hiervan op de hoogte was voordat zij bij hem achterop de fiets stapte, en dat zij daarvan had moeten afzien.
 
De commissie stelt vast dat de overgelegde stukken geen uitsluitsel gegeven over het eventuele drugsgebruik. Er is hiervoor geen bewijs, er zijn enkel aannames. Op basis van de feiten en overgelegde informatie stelt de commissie vast dat niet bewezen kan worden dat de fietser onder invloed was van drugs ten tijde van het ongeval. Daaruit volgt dat niet kan worden aangetoond dat zijn vriendin een verkeersfout heeft gemaakt door bij hem achterop de fiets te stappen. Aan de vraag of in deze of vergelijkbare situaties daarom sprake is van een verkeersfout van een achterop zittende fietser komt de commissie dan ook in dit geval niet toe. Dit omdat het tevens de vraag is of - ook als wel bewezen zou kunnen worden dat de fietser onder invloed van drugs was ten tijde van het ongeval – de vriendin daarvan op de hoogte was en daarom had moeten afzien van meerijden. Het staat ook om die reden niet vast of en dat zij een verkeersfout heeft gemaakt. De verkeersfout is in deze zaak begaan door de fietsende vriend, niet door de achterop zittende vriendin.
 
Bindend advies
De commissie geeft als bindend advies dat de autoverzekeraar 100% van de gemaakte medische kosten dient te betalen aan de zorgverzekeraar.
 
Bronnen: Geschillencommissie Regresaanspraken Zorgverzekeraars/Aansprakelijkheidsverzekeraars, 17 ZGR 02; foto Ralf Roletschek (talk) - Fahrradtechnik auf fahrradmonteur.de, fietser in Breda
Geplaatst op 12-07-2017